Enkel wetenswaardigheden over de Perigord (Noir) Dordogne

De Dordogne is opgesplitst in 4 gebieden te weten de Perigord Vert, Blanche, Pourpre en Noir. Deze laatste is het gebied waar wij wonen. Het is zo genoemd omdat in de middeleeuwen dit gebied zo sterk bebost was dat de wegen donker waren en het daglicht nauwelijks binnendrong. Als je nu te voet gaat door de bossen over middeleeuwse paden kan je hier nog altijd een indruk van krijgen. Tegenwoordig is dit gebied nog altijd voor de helft met bos bedekt.

In deze bossen wordt het zwarte goud gevonden, de Truffel. Het is ook een zeer dunbevolkt gebied, gemiddeld wonen er 10 mensen per vierkante kilometer (een gebied van 1 miljoen m2) ter vergelijking met Nederland daar wonen 484 mensen per vierkante kilometer.

Zo'n 400.000 jaar geleden werd dit gebied al bewoond door jagers die onder andere in grotten woonden. In dit gebied zijn de oudste grottekeningen gevonden, waarvan de grotten van Lascaux de beroemdste zijn.

Het gebied is ook zeer rijk bemeten met chateaux. Binnen een cirkel van 100 km rondom ons moeten er ongeveer 1000 staan. Twee daarvan zijn de imposante chateaux Beynac, ten noorden van de rivier de Dordogne en ten zuiden Castelnaud. In de 100 jarige oorlog is hier heel wat bloed gevloeid het was namelijk een soort frontlinie. Het Noordelijke, chateau Beynac, was in Franse handen en het zuidelijke, chateau Castelnaud, in Engelse handen.

Op nog geen 16 kilometer van ons vandaan licht het prachtige middeleeuwse stadje Sarlat, de hoofdstad van de Perigord Noir. Sarlat is na Mont Saint Michel in Bretagne, het best bezochte toeristische plaatsje in Frankrijk en terecht, het heeft het meest intakt gebleven middeleeuwse centrum welke ontstond in de 8e eeuw. Het heeft een rijke historie en was eens onderdeel van Engeland, de Cathédrale werd nog gebouwd onder de Engelse Koning Hendrik IV.

Kortom een adembenemende omgeving met zoveel bezienswaardigheden dat u alles niet in 2 weken vakantie kunt bekijken. Dus zit er niks anders op dan, zo als zoveel van onze gasten doen, volgend jaar weer terug te komen.